![]() |
| Bosuil |
Mijn fototoestel en ik maken tochtjes. Ik kijk en hij klikt. Het resultaat staat hieronder, voor wie wil kijken tenminste.
vrijdag 20 december 2013
Bosuil
Vrijdag 20 december 2013: de telefoon gaat, iemand meldt dat hij een Bosuil ziet, in een holle boom, en of ik tijd heb... Ik kleed me gauw om en spring op de fiets, statief mee want de zon staat laag. Half uurtje later staan we bij de boom. Daar zit hij, onaangedaan maar toch alert, een meter of veertig van ons vandaan. Gauw een paar foto's voordat het licht weg is. De Bosuil is daar voor het eerst. Wie weet!
woensdag 18 december 2013
Storm drie
Woensdag 18 december 2013: de zeven omgewaaide of omgezaagde iepen van het middelste deel van de Leidsegracht worden vandaag vervangen. Op straat hoor ik de buurvrouw vragen: "hoe oud zijn ze nou?". Zo te zien gaan wij geen majestueuze exemplaren meer meemaken.
De ceder
Ik heb een ceder in mijn tuin geplant,
gij kunt het zien, gij schijnt het niet te willen.
Een binnenplaats meesmuilt ge, sintels, schillen,
en schimmel die een blinde muur aanrandt,
er is geen boom, alleen een grauwe wand.
Hij is er, zeg ik en mijn stem gaat trillen,
Ik heb een ceder in mijn tuin geplant,
gij kunt hem zien, gij schijnt het niet te willen.
Ik wijs naar buiten, waar zijn ranke, prille
stam in het herfstlicht staat, onaangerand,
niet te benaderen voor noodlots grillen,
geen macht ter wereld kan het droombeeld drillen.
Ik heb een ceder in mijn tuin geplant.
Han G. Hoekstra (1906-1988)
De ceder
Ik heb een ceder in mijn tuin geplant,
gij kunt het zien, gij schijnt het niet te willen.
Een binnenplaats meesmuilt ge, sintels, schillen,
en schimmel die een blinde muur aanrandt,
er is geen boom, alleen een grauwe wand.
Hij is er, zeg ik en mijn stem gaat trillen,
Ik heb een ceder in mijn tuin geplant,
gij kunt hem zien, gij schijnt het niet te willen.
Ik wijs naar buiten, waar zijn ranke, prille
stam in het herfstlicht staat, onaangerand,
niet te benaderen voor noodlots grillen,
geen macht ter wereld kan het droombeeld drillen.
Ik heb een ceder in mijn tuin geplant.
Han G. Hoekstra (1906-1988)
maandag 16 december 2013
Zwolle en zijn beroemde gast
Zaterdag 14 december 2013: vandaag gaan we op bezoek in Zwolle, en natuurlijk kan ik de kans niet laten lopen. Zwolle is bekend door een aantal beroemdheden, Jonnie Boer en Herman Brood aan de ene kant van de geschiedenis en Thomas à Kempis aan de andere kant. En sinds 12 november 2013 ook door de Sperweruil, ontdekt door een treinmachinist die hem op een meter afstand door het raam van de cockpit kon bekijken. Het verhaal dat de uil zou zijn aangereden is vanochtend ontkracht, de eerste melding op Waarneming.nl zegt: "Hij leeft nog!!!!".
Vandaag komt hij ook vlakbij zitten, maar helaas zit er gaas tussen hem en mij. Om even voor half drie ben ik ter plaatse. Als je zo laat komt is het helemaal niet moeilijk om de uil te vinden, er staan dan al tientallen mensen onder, tenminste in het weekeinde. Jammer genoeg ligt Zwolle vandaag in een wolkenband, dus het duurt een uur voordat de zon onder de wolken uitpiept. En ja, dan gaat hij in deze korte dagen al bijna weer onder. De Sperweruil is ook deze keer mooi te bekijken en houdt de fotografen wel bezig. Naast me staat een praatgrage man, die al sinds die ochtend niks gegeten heeft: geen tijd voor. Nee, die mond is met andere dingen bezig bedenk ik. In de ruim anderhalf uur dat ik er ben volg ik de bezigheden van de uil. Beetje poetsen, zich flink krabben met de mooie gele klauwen waar respectabele nagels aan zitten, af en toe alert om zich heen turen en eens een stukje verderop vliegen. En dan volgt de meute mensen. Ik ook. Tijdens het wachten praat ik met een bekende tot die naar huis gaat, het is nog een heel eind rijden. Er komt leven in de uil, hij zit niet langer dan vijf minuten op een plek, het is enerverend. Maar dan wordt het echt te donker om nog te kunnen fotograferen. Ik kijk nog wat door de kijker en loop daarna naar de auto, voor een ritje van een paar minuten dit keer. Aan wat bomen zijn posters gehangen, kennelijk door ontevreden mensen. Afgebeeld staat Mijnheer de Uil, met een waarschuwende vinger omhoog. In de vier hoeken een verbodsbord, met onder de rode schuine streep een camera.
Vandaag komt hij ook vlakbij zitten, maar helaas zit er gaas tussen hem en mij. Om even voor half drie ben ik ter plaatse. Als je zo laat komt is het helemaal niet moeilijk om de uil te vinden, er staan dan al tientallen mensen onder, tenminste in het weekeinde. Jammer genoeg ligt Zwolle vandaag in een wolkenband, dus het duurt een uur voordat de zon onder de wolken uitpiept. En ja, dan gaat hij in deze korte dagen al bijna weer onder. De Sperweruil is ook deze keer mooi te bekijken en houdt de fotografen wel bezig. Naast me staat een praatgrage man, die al sinds die ochtend niks gegeten heeft: geen tijd voor. Nee, die mond is met andere dingen bezig bedenk ik. In de ruim anderhalf uur dat ik er ben volg ik de bezigheden van de uil. Beetje poetsen, zich flink krabben met de mooie gele klauwen waar respectabele nagels aan zitten, af en toe alert om zich heen turen en eens een stukje verderop vliegen. En dan volgt de meute mensen. Ik ook. Tijdens het wachten praat ik met een bekende tot die naar huis gaat, het is nog een heel eind rijden. Er komt leven in de uil, hij zit niet langer dan vijf minuten op een plek, het is enerverend. Maar dan wordt het echt te donker om nog te kunnen fotograferen. Ik kijk nog wat door de kijker en loop daarna naar de auto, voor een ritje van een paar minuten dit keer. Aan wat bomen zijn posters gehangen, kennelijk door ontevreden mensen. Afgebeeld staat Mijnheer de Uil, met een waarschuwende vinger omhoog. In de vier hoeken een verbodsbord, met onder de rode schuine streep een camera.
![]() |
| Sperweruil |
maandag 9 december 2013
Arendbuizerd
Zaterdag 7 december 2013: 's ochtends om vijf over half zeven gaat de bel. De eerste meldt zich. Ruim een half uur later zitten we met vijf man in de auto op weg naar de Maasvlakte. Donker, de ruitenwissers moeten af en toe aan. Ondanks het vroege uur is het gezellig, verhalen en opmerkingen vliegen over en weer. Anderhalf uur later stappen we uit, het is net licht geworden maar het is erg grijs en nevelig. We staan in feite midden op zee, de weg en de duinen liggen er nog niet lang. Op zee is weinig te zien. De eerste koffie wordt uit de thermosflessen geschonken en ik heb al trek. We beginnen een soortenlijst samen te stellen. Onderweg naar een volgende parkeerplaats stoppen we even bij een Torenvalk die een prooi heeft geslagen en vlakbij tegen het talud zit. Aan de noordkant van de Maasvlakte 2 lopen we langs de monding van de Nieuwe Waterweg en zien we honderden Drieteenmeeuwen in de verte, achter de schepen aan. Vlakbij een paar zeehonden. Maar liefst zestig Roodkeelduikers zijn in diverse groepjes op trek, en overal zijn Stormmeeuwen. Bovenaan de dijk stoten we twee Houtsnippen op en als we onderaan staan vliegen er drie Kleine Rietganzen over. Groepen Kneutjes en wat Sneeuwgorzen komen ons tegen en verdwijnen schielijk. We zitten nauwelijks weer in de auto of het begint serieuzer te regenen. Langzaam terugrijdend volgen we een natgeregende Buizerd. Bij de eerste parkeerplaats aangekomen stappen we weer even uit, we hebben Toppereenden gezien in het binnenwater, de Prinses Arianehaven geheten. Die ligt er nog maagdelijk bij. We horen Wulpen, en er komen Rosse grutto's en twee Zilverplevieren over. Het is wat harder gaan waaien en ik zie het eerste stukje blauwe lucht.
Inmiddels is het half een. We besluiten bij de stek van de Arendbuizerd te gaan eten. Achter een gebouwtje schuilen we voor de wind en worden de boterhammen en thermosflessen weer tevoorschijn gehaald. Ik sta voor het hek dat het gebied omsluit, het is een broedgebied. Ik geniet. Blauwe Kiekendieven jagen over de velden, ver weg. Een mal gezicht, met al die industrie op de achtergrond. Torenvalken en Buizerden vinden veel van hun gading, soms zien we wel zes Buizerden tegelijk in actie boven de dijk van de Slufter. Maar geen Arendbuizerd. Hij is voor het laatst op 28 november gemeld, en we verwachten dat hij is weggewaaid tijdens de laatste storm. Op de Slufter zitten veel eendensoorten, en wat Wulpen en Tureluurs. Weer terug naar het broedgebied, want een van ons heeft een Ruigpootbuizerd gezien en die willen we wat beter bekijken. Als we op de ventweg staan stopt een busje met een andere vogelliefhebber, hij werkt in het gebied en vertelt dat de Arendbuizerd er nog is, en als twee andere vogelaars zeggen dat ze hem zo-even over de weg hebben zien vliegen wagen we nog een poging. We rijden nog een stukje verderop en zien in de verte vier buizerdachtigen. Eentje lijkt te worden aangevallen en verjaagd, en ik spreek het vermoeden uit dat dat de Arendbuizerd is. Na verloop van tijd verdwijnen ze over de dijk. Een late Lepelaar staat tussen de eenden, en vier vrouwtjes Nonnetje houden het voor gezien, ze vertrekken. Wij doen een laatste poging, en rijden weer een stukje terug, op weg naar het foerageveld van de Arendbuizerd, maar na een halve minuut zet ik de auto al weer in de achteruit, want uit de berm stijgen twee Buizerden op, en we zien een dood konijn liggen. Twee Zwarte Kraaien zijn ons dankbaar voor de verstoring. Een buizerd komt terug, en hij lijkt wel erg rossig. Het is hem. De Arendbuizerd. Vlakbij. Door de voorruit genomen foto's mislukken altijd, maar ik neem ze toch. Later blijken ze inderdaad wazig. De vogel vertrekt en vliegt boven de dijk, niet ver weg. We stappen uit. Het licht is bar, want het is al na drieën. De ISO staat op hoog. Twintig minuten genieten we van de Arendbuizerd, die een poosje jaagt over de duintjes aan de overkant van de weg, en die nog een keertje onze richting op komt. Alles omlijst door containers en hijskranen.
De zon zien we dramatisch ondergaan boven het Oostvoornse Meer, waar meer dan honderd Pijlstaarten en vierhonderd Wulpen hun slaapplaats hebben. Een Havik komt over en we horen Roodborstjes hun tikkende alarm afgeven. We zompen in het halfduister weer terug naar de auto, en zien de Maasvlakte veranderd in een kerstkaart: overal witte lichtjes, met hier en daar iets roods en groens. Thuis geschiedt een wonder. Ik kan voor de deur parkeren.
Inmiddels is het half een. We besluiten bij de stek van de Arendbuizerd te gaan eten. Achter een gebouwtje schuilen we voor de wind en worden de boterhammen en thermosflessen weer tevoorschijn gehaald. Ik sta voor het hek dat het gebied omsluit, het is een broedgebied. Ik geniet. Blauwe Kiekendieven jagen over de velden, ver weg. Een mal gezicht, met al die industrie op de achtergrond. Torenvalken en Buizerden vinden veel van hun gading, soms zien we wel zes Buizerden tegelijk in actie boven de dijk van de Slufter. Maar geen Arendbuizerd. Hij is voor het laatst op 28 november gemeld, en we verwachten dat hij is weggewaaid tijdens de laatste storm. Op de Slufter zitten veel eendensoorten, en wat Wulpen en Tureluurs. Weer terug naar het broedgebied, want een van ons heeft een Ruigpootbuizerd gezien en die willen we wat beter bekijken. Als we op de ventweg staan stopt een busje met een andere vogelliefhebber, hij werkt in het gebied en vertelt dat de Arendbuizerd er nog is, en als twee andere vogelaars zeggen dat ze hem zo-even over de weg hebben zien vliegen wagen we nog een poging. We rijden nog een stukje verderop en zien in de verte vier buizerdachtigen. Eentje lijkt te worden aangevallen en verjaagd, en ik spreek het vermoeden uit dat dat de Arendbuizerd is. Na verloop van tijd verdwijnen ze over de dijk. Een late Lepelaar staat tussen de eenden, en vier vrouwtjes Nonnetje houden het voor gezien, ze vertrekken. Wij doen een laatste poging, en rijden weer een stukje terug, op weg naar het foerageveld van de Arendbuizerd, maar na een halve minuut zet ik de auto al weer in de achteruit, want uit de berm stijgen twee Buizerden op, en we zien een dood konijn liggen. Twee Zwarte Kraaien zijn ons dankbaar voor de verstoring. Een buizerd komt terug, en hij lijkt wel erg rossig. Het is hem. De Arendbuizerd. Vlakbij. Door de voorruit genomen foto's mislukken altijd, maar ik neem ze toch. Later blijken ze inderdaad wazig. De vogel vertrekt en vliegt boven de dijk, niet ver weg. We stappen uit. Het licht is bar, want het is al na drieën. De ISO staat op hoog. Twintig minuten genieten we van de Arendbuizerd, die een poosje jaagt over de duintjes aan de overkant van de weg, en die nog een keertje onze richting op komt. Alles omlijst door containers en hijskranen.
De zon zien we dramatisch ondergaan boven het Oostvoornse Meer, waar meer dan honderd Pijlstaarten en vierhonderd Wulpen hun slaapplaats hebben. Een Havik komt over en we horen Roodborstjes hun tikkende alarm afgeven. We zompen in het halfduister weer terug naar de auto, en zien de Maasvlakte veranderd in een kerstkaart: overal witte lichtjes, met hier en daar iets roods en groens. Thuis geschiedt een wonder. Ik kan voor de deur parkeren.
![]() |
| Torenvalk |
![]() |
| Kleine Rietganzen |
![]() |
| Natte Buizerd |
![]() |
| Jagende Blauwe Kiekendief |
![]() |
![]() |
| Blauwe Kiekendief met prooi |
![]() |
| Arendbuizerd |
woensdag 4 december 2013
J. Henry Dunant en slechtvalken
Donderdag 28 november 2013: in de middag ontvlucht ik het bovendek van het Rode Kruisschip de Henry Dunant waar ik al vanaf zeven uur 's ochtends in de spoelkeuken en bij het buffet mijn vrijwillige werkzaamheden verricht. Het aldoor binnen zitten ben ik verleerd, ik snak naar buitenlucht en ga dik ingepakt op het zonnedek staan. We varen op de Maas, richting Nijmegen. De toren van de energiecentrale is in zicht, en ik speur de hemel af naar slechtvalken. Mijn hart springt op: een stipje springt van de schoorsteenpijp en vliegt met duizelingwekkende snelheid naar het zuidoosten, zo hoog dat ik hem alleen met de kijker kan volgen en hem niet terugvind in het beeld van de camera. Daar gaat een valk op jacht. We naderen de sluis en de energiecentrale, en ik blijf de lucht afzoeken. Twee stippen nu in mijn kijker die met flinke vaart richting schoorsteenpijp vliegen. Twee valken! Ik maak wat foto's waaruit later zal blijken dat de voorste slechtvalk met een flinke prooi vloog. Die verdwijnt achter de schoorsteen, en eentje vliegt voorlangs omhoog en strijkt neer in een nis. Inmiddels ligt de Henry Dunant in de sluis, het zonnedek ter hoogte van de wal. Ik spreek even met een man die net alle boompjes aan de kant heeft gesnoeid, hij verontschuldigt zich dat er nu geen vogeltjes zijn. Van slechtvalken weet hij niet.
![]() |
| Slechtvalk Nijmegen |
De Sperweruil in Zwolle
Maandag 2 december 2013: het is me wat, ga ik nou of ga ik niet. Eigenlijk vind ik het te gek voor woorden, zo'n eind rijden om een uil te zien die al door iedereen op de foto is gezet, en hoe! Maar wat dan met de herinnering aan het tandenknarsend op de J. Henry Dunant zitten, varen over Maas en Waal en niet van het schip kunnen terwijl er zo'n zeldzaamheid is opgedoken? Ik ga, de zon schijnt. Een excuus: mijn schoonouders wonen vlakbij de Marsweg, waar de tijdelijke verblijfplaats van de Sperweruil is. Het is niet moeilijk om de uil te vinden, er staan al vijftig fotografen omheen als ik aankom. Hij zit in een ijzeren paal op het voetbalveld en kijkt wat rond. Bij elke beweging van hem ratelen de camera's, maar het blijft angstwekkend stil als hij vlak over onze hoofden heen naar een boom vliegt. Tja, een camera op een statief kan weinig uitrichten als het onderwerp opeens meer beweegt dan de kop alleen. De komende drie uren maak ik een tocht langs de bomen in de buurt, af en toe vliegt de Sperweruil een stukje verder maar nooit mooi vrij, zodat ik geen vliegbeelden kan maken. Toch blijf ik proberen en ga op afstand staan. Dan besluit hij naar me toe te vliegen en vlakbij op een tak te gaan zitten. In mijn eentje sta ik even met de neus vooraan, veel te dichtbij om hem vanaf het statief volledig te kunnen fotograferen. Vanaf de grond lukt het net als ik mijn toestel kantel. Daar zit ik dan, tientallen mensen om me heen inmiddels. Het is maar een kleine uil van zo dichtbij, net zo groot als een vrouwtje Sperwer. Zijn koptekening is prachtig, met het gevlekte kapje, de zwarte strepen opzij en de felle gele ogen ertussen. Dan vliegt hij weg, en ik vind het welletjes. Na diverse bekenden gesproken te hebben stap ik weer in de auto voor mijn eerste bezoek. Mijn schoonmoeder is niet verrast als ze me, onaangekondigd, binnen laat. Ze kent mijn passie.
![]() |
| Sperweruil |
Abonneren op:
Posts (Atom)


























































